Deze eeuwenoude grens bepaalt jouw stemgedrag
En bij deze verkiezingen verschoof die
Electoraal geograaf en Neerlands duider Josse de Voogd was een paar dagen na de verkiezingen bij ons te gast in De Ongelooflijke Podcast (EO). Hij ziet hoe ons stemgedrag door allerlei factoren wordt bepaald: huisdieren, vensterbanken, tuinen. Maar bovenal: door onze woonplaats. Want waar jij woont heeft veel invloed op hoe jij stemt. En dat heeft alles te maken met een eeuwenoude grens, stammend uit de Tachtigjarige Oorlog. In dit artikel legt De Voogd uit hoe dat zit.
Van het vlakke land naar Mariakapelletjes
De Voogd reist al jaren door Nederland om het stemgedrag in kaart te brengen. Als hij van het noorden naar het zuiden van Nederland reist, merkt hij hoe het landschap verandert. Het vlakke land maakt langzaam plaats voor heuvels. Ook de gebouwen krijgen een andere uitstraling: langs de wegen verschijnen kleine kapelletjes en waar in het noorden de gordijnen onbeschroomd open blijven, worden in het zuiden eerder de rolluiken neergelaten.
Daarbij valt hem op dat deze uiterlijke kenmerken iets laten zien van een eeuwenoude scheidslijn: een grens die loopt van Zeeuws-Vlaanderen naar de Achterhoek, en die het katholieke zuiden van het protestantse noorden scheidt. Deze grens ontstond tijdens de Tachtigjarige Oorlog (1568–1648), toen het zuiden onder Spaans bestuur katholiek bleef en het noorden protestants werd. En wat interessant is: deze grens is nog steeds allesbepalend voor onze verkiezingen, zo ziet hij.

Populistische trend in het zuiden
De grens is namelijk een fantoomgrens. Een grens die er formeel niet echt meer toe doet, maar die wel invloed heeft op hoe mensen denken en zich gedragen. Die grens heeft al eeuwenlang de cultuur van de mensen, en daarmee ook het stemgedrag bepaald. En sinds het begin van deze eeuw ziet De Voogd ook een nieuw opmerkelijk fenomeen als hij de electorale kaarten van de afgelopen jaren bestudeert: ten zuiden van die grens wordt vrijwel overal meer dan gemiddeld populistisch gestemd.
Volgens De Voogd begon die ontwikkeling rond 2006, toen de SP en later ook de PVV vooral in het zuiden sterk aan populariteit wonnen. “Partijen als de PVV, SP en 50PLUS hebben hier jarenlang aanzienlijk beter gepresteerd dan in het noorden, waar traditionele partijen doorgaans domineren.” De populistische trend in het zuiden hangt volgens De Voogd samen met culturele verschillen: het zuiden kent een meer personalistische cultuur. Daarnaast is het sociaal en politiek vertrouwen er wat lager.
Toch is die populistische tendens relatief recent, zo laat De Voogd zien. In de jaren zestig stemde het zuiden nog massaal op de KVP, de Katholieke Volkspartij. Nadat de KVP opging in het CDA en de ontkerkelijking inzette, verloor de christendemocratie in het zuiden echter snel terrein. Het wegvallen van de kerk en het bijbehorende gemeenschapsleven liet een leegte achter in de samenleving. Populistische partijen hebben dat gat in 2012 vervolgens effectief weten te vullen, zoals ook zichtbaar wordt in het onderstaande kaartje.
Een ander interessant fenomeen dat hij noemt is dat je langs de oude frontlinie uit de Tachtigjarige Oorlog heel duidelijk het verschil ziet tussen katholieke en protestantse gemeenschappen. Zeeuws-Vlaanderen is overwegend katholiek, maar iets noordelijker, op Noord- en Zuid-Beveland, kom je juist die bekende SGP-enclaves tegen. Die scheidslijn kun je zelfs doortrekken richting de Betuwe, Maasdriel en Zaltbommel. Dat vindt De Voogd fascinerend: in die regio’s zie je hoe sterk gemeenschappen hun identiteit uitdragen en hoezeer mensen zich identificeren met hun religieuze en politieke achtergrond.
Nadat de protestanten het zuidelijke deel van Nederland heroverden tijdens de Tachtigjarige Oorlog bleven de inwoners in het zuiden katholiek. Maar: ze werden door de protestantse gewesten behandeld als tweederangsburgers. En dat sentiment, zo zegt De Voogd, is nog steeds aanwezig in het zuiden. Den Haag staat op afstand, en er is weinig vertrouwen in de politiek.
Hier is de opkomst daarom elke keer lager dan in de rest van Nederland. En als er wel wordt gestemd, kiezen mensen personen die bij hen uit de regio komen. Geert Wilders, Jan Marijnissen en Emile Roemer: het zijn namen die mensen vertrouwen. “In het oosten van Brabant werd bijvoorbeeld veel SP gestemd, maar dat wordt steeds minder mede omdat Jan en Lilian Marijnissen – die uit die regio kwamen – geen lijsttrekker meer zijn. Jimmy Dijk, de huidige lijsttrekker van SP, komt uit Groningen. En tegelijkertijd zie je nu in het oosten van Brabant extra stemmen voor Rob Jetten, die uit die regio komt.”
Stikstof
Toch blijkt er bij de laatste verkiezingen een verandering te hebben plaatsgevonden. Die fantoomgrens tussen noord en zuid is minder zichtbaar, merkt De Voogd op. De PVV, Forum voor Democratie en JA21 hebben ook veel terrein gewonnen in het noorden van Nederland, wat een nieuwe ontwikkeling is. Een belangrijke aanleiding hiervoor is de stikstofkwestie, die veel bewoners in deze gebieden heeft geraakt. Mensen die eerder tevreden waren met de situatie, voelen zich hierdoor nu meer aangetrokken tot populistische partijen. Vooral BBB en Forum profiteren hiervan, maar ook de PVV ziet hier een duidelijke groei.
En, wat volgens De Voogd ook meespeelt zijn de generatieverschillen: “In het zuiden voltrok de ontkerkelijking zich zeer snel. Daardoor raakte de oudere generatie, die zich jarenlang sterk verbonden voelde met het katholieke CDA, gaandeweg los van de traditionele partijen. In het noorden daarentegen bleven de oudere generaties langer trouw aan hun partijen, waardoor de oude politieke verhoudingen er stabiel bleven. Maar nu onder de jongere generaties zie je een verschuiving: die stemmen ineens ook meer op populistische partijen.”
En dat is best opmerkelijk, vindt De Voogd. Want historisch gezien wordt het noorden gekarakteriseerd door sociaal sterke gemeenschappen die waarde hechten aan stabiliteit en overwegend op traditionele partijen stemmen. Maar juist die keuze voor de PVV is hier ook deels door te verklaren. “Aan de ene kant is de PVV echt een fenomeen van het individualisme: omdat mensen minder naar de kerken gaan en zich niet meer bij vakbonden aansluiten. Maar aan de andere kant stemmen ze ook populistisch, omdat ze juist balen dat er geen samenhang is. En dat uit zich dan ook in nationalisme.”
Een belangrijke analyse die De Voogd hier doet is dat de PVV eerst dominant was in de stad, maar dat de partij nu dominanter wordt op het platteland. En dat heeft volgens hem twee redenen: allereerst kopen jonge, vermogende GroenLinks-PvdA-stemmers de huizen op in de volkswijken van de grote steden en worden de klassieke PVV-stemmers als het ware uit de stad ‘gejaagd’. Deze mensen komen dan ergens in een van de goedkopere kernen naast de stad of op het platteland te wonen.
Daarnaast ziet De Voogd ook dat de multiculturele samenleving steeds meer naar het platteland verplaatst. Voorheen was multiculturaliteit meer zichtbaar in de steden, maar nu statushouders door de spreidingswet in dorpen en steden over het hele land geplaatst worden, merkt hij dat dit tot gevolg heeft dat ook elders steeds meer mensen PVV stemmen.
Fantoomgrenzen keren altijd terug
Op basis van deze uitslag zou je kunnen denken dat de fantoomgrens inmiddels verdwenen is. Maar dat is volgens De Voogd zeker niet het geval. Fantoomgrenzen keren steeds weer terug. Ook in het verleden waren er perioden – zoals in de jaren negentig, toen de VVD en de PvdA sterk doorbraken in het zuiden – waarin het leek alsof de scheidslijn verdwenen was. Toch laten de verkiezingsuitslagen over de afgelopen eeuw zien dat de fantoomgrens blijft bestaan, al is die soms minder duidelijk zichtbaar.
En dat ziet De Voogd bijvoorbeeld in landen als Duitsland, Polen, en Oekraïne waar er ook fantoomgrenzen zijn. Oost-Duitsland stemde eerst massaal op De Linke, een overblijfsel van de communistische DDR, en omarmde daarna de AfD. “Daar heerst nog steeds het sentiment; wij horen er niet helemaal bij. Het gaat hier economisch minder, en ze denken alleen maar aan migranten en niet aan ons”. De partijen kunnen wisselen, maar de erfenis van de DDR blijft daar van generatie op generatie aanwezig, zegt De Voogd.
Een conservatiever CDA
En die fantoomgrens blijft dus ook het Nederlandse politieke landschap bepalen. Hoe ziet De Voogd de toekomst voor zich? Wat zal er bijvoorbeeld gebeuren met de (voorheen) katholieke afhakers in het zuiden? “Je ziet het ook in Duitsland”, legt hij uit. “Daar heb je de CSU, een wat conservatievere tak van de CDU, die alleen in Beieren actief is. Zoiets zou je je in theorie ook voor het zuiden van Nederland kunnen voorstellen. Ik hoor vaker dat de zuidelijke, katholieke CDA-kiezers rechtser zijn dan de protestantse CDA’ers boven de rivieren.”
Toch denkt hij dat Nederland daarvoor waarschijnlijk te klein is. In Duitsland worden deelstaten echt als ‘eigen landen’ gezien, met een sterkere regionale identiteit. Toch ziet De Voogd wel dat het sentiment bestaat. “Ik kan me voorstellen dat oude patronen terugkeren als er een sterk conservatieve, populaire CDA-lijsttrekker uit het zuiden opstaat. En dat dan onder die historische grens het CDA opnieuw weer de grootste partij zou kunnen worden.”
Wil je meer horen over dit thema? Beluister dan de volgende afleveringen:
De Ongelooflijke Podcast #273 - Nederland na de verkiezingen: D66, PVV, CDA, GL-PvdA en (on)behagen (met Josse de Voogd en Stefan Paas)
De Ongelooflijke Podcast #136 - Bloemkoolwijken, vensterbanken en hoe BBB het politieke establishment overhoop gooit (met Josse de Voogd en Stefan Paas)
De Ongelooflijke gaat weer live! Maandagavond 8 december zijn we in de Goudse Schouwburg. Zien we je daar? Bestel tickets via eo.nl/ongelooflijke
Meer leren over onze wereld en cultuur – door geschiedenis, kunst en geloof? Abonneer je op De Ongelooflijke Substack en ontvang twee keer per week een nieuw artikel in je mail. De artikelen blijven gratis, wel kan je vriend van De Ongelooflijke worden om ons werk te steunen.








Interessant artikel!
Is er een literatuur referentie voor de claim dat het noorden van Nederland collectivistischer is en het zuiden individualistischer? Ik ben hier namelijk heel verbaasd over en kan mij nauwelijks voorstellen dat dit ook geld voor plattelandsdorpen in beide regio’s.